De Feind invasie – Frank van Dongen

De-Feind-invasie.jpg

De Feind invasie – Frank van Dongen (SF)

De Ontdekking van de Mens-serie, deel 3 (en slot (of toch niet?))

Iceberg Books, Amsterdam (2021)

331 pagina’s, € 21,99

Omslag: Michael van Zijl/Slobodan Cedic

Zucht… alweer een einde van een geweldig verhaal bereikt. Jammer dat het voorbij is. Het verhaal was van een dergelijke constante kwaliteit dat je wel merkt dat het meteen de bedoeling was om als een trilogie geschreven te zijn. Niet als een losstaand verhaal dat succesvol was en er de dwang ontstond er maar een trilogie van het te maken omdat de markt er om riep, maar eigenlijk was er geen vervolg. Dat dus niet bij deze ‘Ontdekking van de Mens’ serie. Wat ook van een constante, én hoge, kwaliteit is, zijn de omslagen dezes. Prachtige sfeervolle, maar ietwat sombere (vind je het gek), illustraties van Slobodan Cedic. Ik had nog nooit van de man gehoord, maar na wat speurwerk blijkt hij uit Belgrado, Servië te komen… en dat was het dan zo’n beetje. Niet veel meer informatie is er over de man te vinden dan dat. Wel meer omslagen van zijn hand. Je kunt ze bijvoorbeeld vinden op: https://reedsy.com/slobodan-cedic. Er mag ook wel eens wat meer gezegd worden over de omslagen, denk ik.

Het verhaal. An sich ga ik er niet al te veel over zeggen. Dat moet je zelf maar lezen. Met de nadruk op: MOET. Op een enkeling na, heb ik geen of weinig commentaar van mensen gehoord over dit oorspronkelijke Nederlands werk, dus durf ik best te zeggen dat deze trilogie een van de betere boeken is die ons is geboden de laatste jaren.

Maar goed… het verhaal gaat door waar het in ‘De machineplaag’, het tweede deel, mee ophield. Jack Newman, degene die het a-sterfelijkheidsprogramma mee ontwikkelde zit nog steeds in de gevangenis. Dat programma, alleen maar bestemd voor de elite die het kan betalen, heeft ervoor gezorgd dat de wereld geteisterd wordt door revoluties en wereldoorlogen. Bovendien arriveert de gevreesde Feind waardoor de mensheid aan haar eind dreigt te komen. Jack is nog steeds op zoek naar zijn tweelingbroer Redmond en stuit al doende op de ware intenties achter het duizend eilanden experiment.

Ik moet zeggen dat ik alle delen welhaast ademloos heb gelezen. Een ding vond ik echter wat minder… de gigantische, pagina’s durende, infodump tegen het einde van het verhaal. Onvermijdelijk denk ik, maar toch… redelijk irritant. Het remt het verhaal op een nietsontziende wijze. Of het te vermijden was geweest? Ik weet het niet. Het is wel cruciale informatie en of die door het verhaal heen te vertellen was geweest… nogmaals, ik weet het niet. Vooruit… we zullen het maar met de mantel der liefde bedekken.

Voorwaar… het verhaal eindigde zoals ik niet verwacht had, maar willen we dat niet allemaal! Een verhaal dat eindigt zoals je verwacht, gaat naar mijn idee uit als een nachtkaars. Je wilt verrast worden. Verrassing is goed en dat is naar mijn idee goed gelukt. Dit einde is meer dan prima én meer dan ik wilde. Het opent misschien nog perspectieven voor de toekomst. En terwijl ik dit epistel aan het schrijven (uitwerken) was, kwam er al een mededeling van Frank zelf (helaas wel als uitgebreid antwoord op een commentaar dat hij gekregen had op ‘De Ontdekking van de Mens’), dat hij bezig was met een vierde deel. Het is bij mij van harte welkom! Ik ben alvast zeer benieuwd en zal het met liefde en plezier verslinden. Maar… tot nu toe en vooralsnog is deze trilogie Nederlandse, authentieke en originele SF van de bovenste plank. Meer… heel veel meer, hiervan graag!!!

Jos Lexmond

*Poe in de polder

Poe-in-de-polder-2.jpg

*Poe in de polder
EdgeZero Publicaties (2021) € 12,95
Omslag: Mike Jansen/Tais Teng
Vertaling (waar nodig): Mike Jansen
Illustraties: Tais Teng
Verkrijgbaar via Amazon.de

Bij een derde boek met ‘in de polder’ in de titel, mag je aannemen dat je met een reeks te doen hebt en dan wel een waarvan je graag zou hebben dat die voortgezet wordt met allerlei andere schrijvers als onderwerp. Zomaar wat nadenkend over wat ik zelf graag zou zien, kwam ik vrijwel meteen uit op Eric Frank Russell. Een briljante schrijver van korte, verrassende en originele humorvolle SF. Lijkt me schitterend om eens te zien wat onze Nederlandstalige vrienden daar allemaal van zouden kunnen maken. Of Harry Harrison? ‘Doodstrijd in Emmeloord’, zou een prima titel van een verhaal zijn.

Maar goed. Weg met die wishful thinking dagdromen. We zijn nu bezig over ‘Poe in de polder’, zoals eerder gememoreerd, de derde alweer. Na ‘Nachtmerrie in de Polder’ en Lovecraft in de polder’, weer een in de horrorsfeer. Het is alweer heel er lang geleden dat ik verhalen van Edgar Allan Poe gelezen heb. Ik denk dat ik er de laatste dertig jaar geen meer onder ogen heb gehad en dus is mijn kennis van de verhalen van Poe momenteel welhaast onbestaand, vrees ik te moeten zeggen. Dus… was het een hele tour om de verhalen in deze anthologie, in zijn verhalenuniversum te kunnen plaatsen. Uiteraard waren er ook een boel bij die zich helemaal niet in een Poe universum afspeelden, maar in de geest van de meester geschreven waren. Laten we ze maar eens overlopen en daarbij zal ik telkens een ter zake doende opmerking of iets dergelijks proberen te plaatsen.

Roderick Leeuwenhart – De verdwenen tijd (FA)
Hoe verglijdt de tijd voor jou of voor mij? Wat is de winst?
Johan Klein Haneveld – Alleen met elkaar
Persoonlijk vind ik dit een van Johan’s minder sterke verhalen, maar het is in de geest van Poe én naar mijn bescheiden mening is het ook geen fantastiek. Waarschijnlijk gebaseerd op ‘Het masker en de rode dood’ (of toch niet?)
Kelly van der Laan – Geen weerstand (SP)
Fascinerend spookverhaal over een spook dat steeds sterker gaat spoken. Uiteindelijk…
Dick van der Bij – Achter in de tuin 15.07 (SF)
Wormen en wormgaten? Losjes gebaseerd op het gedicht ‘The Conqueror Worm’? Van angst en verdriet naar is een kleine stap hier.
Tais Teng – De zwarte spiegel van Claude Lorrain (FA)
Juichend groen… hoe mooi kan schrijven zijn! Hoe mooi kan alles zijn zonder de zuigende spiegel. Met een flintertje William Hope Hodgson.
Laura Scheepers – De verdwenen vrouw (SP)
Detective uit de negentiende eeuw. Oplettendheid kiest de dader, slachtoffers helpen een beetje mee. Dokter Watson like.
Maarten Luikhoven – Zoals het een dame betaamt
Verhaal over een wat kneuterige bankoverval met een noodlottige afloop. Geen fantastiek
Django Mathijsen – Je moet er iets voor over hebben
Prachtig verhaal over hitsige jongelui. Een broodje avonturiersham is het en seks… dat ook. Helaas geen fantastiek!
James Ward Kirk – Beroofd
Fascinerend verhaal. Maar geen idee wat het met Poe te maken heeft. Behalve de boekcollectie dan. Geen fantastiek!
Jan J.B. Kuipers – De vis (HO)
Gotische horror uit de polder. Prachtig klein gehouden verhaal. Mooi verteld. Wat voor verhaal van Poe hieraan ten grondslag ligt… geen idee, maar ook niet belangrijk. Het is prachtig in zijn eenvoud en horror.
Frank Roger – Rinus en de spinnen (FA)
Voort wat, hoort wat. Hiermee zou je dit verhaal kunnen beschrijven, ofwel… spiderman tot the rescue!!!
Bart de Wolf & Marc Huyge – De vogelschrik van Stroot
Gedicht waar ik (zoals altijd en nog steeds) geen verstand van heb. Laat het dus aan anderen over om hierover een mening te hebben
Haen, Anaïd – Poes haat (HO)
Weinig gotisch te noemen, maar horror… des te meer
Rich Orth – Geest in deze machine/Stad aan zee/Sardonisch/Droom weg!/Geest van Poe!
Gedichten waar ik (zoals altijd en nog steeds) geen verstand van heb. Laat het dus aan anderen over om hierover een mening te hebben, plus een interview met de Poe kenner
Wouter van Gorp – Zeven kleuren zonder
Een moordenaar, een politieman en een chaos. Wouter vergast ons op een verhaal vol symbolieke Poe. Wie gaat er dood en wie niet. Geen fantastiek
Michael Blommaert – De vervanger (HO)
Wat spookachtig lijkt verwordt tot pure en koude angstwekkende horror. Mooi!!! Moraal… neem nooit iemand mee. Nooit!!!
Jaap Boekestein – Tantalos’ vloek van vlees en bloed (HO)
Een bloedschuld is een bloedschuld en blijft om ingelost te worden. Maar hoe doe je dat? Fascinerend en droevig verhaal van schuld en boete.
Joost Uitdehaag – Dor hout
Prachtig mooi verhaal over een verloren vriendschap. Hij zette een stap te ver. Geen fantastiek!
Abram Hertroys – Wisselkind
An sich geen fantastiek, maar pure horror is het wel. Wisselkind in een geheel nieuwe betekenis. Origineel… dat ook!!!
Debby Willems – Glazen tellen (HO)
Eén erfenis van niks, maar… niet niks. Je weet meteen wat je voorland is. Glaasje dan maar doen?
Edward van Egmond – Het onhoudbaar verlangen (HO)
Kris krast. Indonesische horror. De klusjesman wordt duur betaald! De stille kracht.
Eowen Valk – Slechte handen (HO)
Wat er gebeurt als je je handen niet meer in de hand hebt. Wat het ook is… handig is het niet.
Jean-Paul Coffin – Penseelstreken für Elise (HO)
Normaal gesproken zou je zeggen: Gevangen op het doek, nu lijkt gevangen door het doek een betere omschrijving, of toch niet. Prima gotisch verhaal gevolgd door een interview met de auteur.
Rickard Berghorn – Een goed leven
Zeer vermakelijk verhaal over kleineren, egoïsme en vertrouwen. Helaas geen fantastiek!
Mike Jansen – De Erfgenaam (HO)
Op sommige erfenissen zit je niet te wachten. Daar word je alleen maar slechter van. Prachtige gotische horror!!!

Al met al weer een prachtige afwisselende anthologie, welke eigenlijk geen dieptepunten kent. De kwaliteit was weer hoog. Jammer dat het percentage verhalen dat geen fantastiek was, vrij hoog is, maar het reflecteert Edgar Allan Poe zelf wel. Het zal het percentage niet fantastieke verhalen dat hij zelf schreef wel benaderen denk ik. Hoe dan ook… zelfs met de niet fantastieke verhalen heb ik me zeer wel vermaakt. Welaan… en dan is het maar weer afwachten of er nog een ‘In de polder’ deel in de reeks gaat verschijnen én natuurlijk wie de leidende schrijver zal zijn. Ik heb er in ieder geval nog niets over horen fluisteren. Ik ben meer dan benieuwd!!!

Jos Lexmond

Al deze werelden – Dennis E. Taylor

Al-deze-werelden.jpg

Al deze werelden – Dennis E. Taylor (SF)
Bobiversum 3 (en (voorlopig) slot)
Iceberg Books, Amsterdam (2021)
Oorspr.: All These Worlds (Worldbuilders Press, New York (2017))
277 pagina’s, € 17,99
Vertaling: Sander Brik & Marike Groot
Omslag: Michael van Zijl/Das Illustrat

Het derde deel en daarbij de conclusie van de Bobiversum reeks. En wat voor een conclusie!!! Er zijn inmiddels wel zo´n vijfhonderd Bobs en dan praten we al over de achtste generatie Bobs. De dreiging die van de Anderen uit gaat wordt steeds groter en ze zijn niet op weg naar de aarde om een kopje thee of koffie bij ons te komen nuttigen. Is dan een vloot van vijfhonderd Bobs, die soms meer met zichzelf bezig zijn dan met een aanstaande invasie, met de bijbehorende onbewuste schepen, wel voldoen om de dreiging te kunnen keren? Je kunt het hier, in dit afsluitende deel, allemaal lezen en genieten. Dat laatste zal geen probleem zijn. Dat was het voor mij ook helemaal niet!

Voor de rest is het verhaal naar het einde van de trilogie toe een logische voortzetting van de vorige twee delen en niets anders dan genieten. Voor een (nog niet zo’n) oude SF rot als ik, die middenin de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw gestaan heeft (dit klinkt nu pas wel heel erg oud) voelt het af en toe als een warm bad. Zojuist (natuurlijk al wat langer geleden dan dat ik dit noteerde op mijn velletje aantekeningen die ik altijd maakt tijdens het lezen van recensieboeken) kwam Ray Bradbury met ‘Aan het prikken van mijn duimen’ nog eens voorbij. De jongeren onder ons SF-liefhebbers, weten niet eens waar het over gaat. Ray Bradbury misschien nog wel, maar de titel: Huh? Of ‘2001’? Die zullen ze toch wel kennen. Van Arthur C. Clarke? Toch??? Of alle andere titels uit de hoogtijdagen van de SF in Nederland die voorbijkomen in dit verhaal… heel erg leuk. Je krijgt haast zin ze weer eens op te zoeken en nogmaals van te gaan genieten. Ook de vele verwijzingen naar Star Trek blijven leuk, alhoewel het soms wel eens een beetje té veel is. Soms is minder beter dan meer, maar ik denk dat het, als je lekker en enthousiast bezig bent, ook wel eens lastig is om jezelf een beetje in de hand te houden.

Ik denk wel dat Taylor het niet bij een tweetal muren heeft kunnen houden om alles van alle Bobs op bij te kunnen houden. Alle muren en zelfs de plafonds zijn inmiddels wel in gebruik genomen zijn om alle data op kwijt te kunnen. Stond er in het tweede deel nog een overzicht en een genealogie van alle aanwezige Bobs… een bijgewerkte versie schittert hier door afwezigheid. Ik denk dat het gewoon niet meer te doen was. Voor de schrijver (en lezer) dezes wat het soms al niet meer om te doen en het duizelde me af en toe wel eens. Af en toe dacht ik wel eens … waar komt deze Bob nou weer vandaan? Maar goed… het heelal is groot en de Bobs zijn legio. Het was een prachtige trilogie en vervolgen zijn welkom. Meer dan welkom, mag ik dan wel zeggen.

En… wat schetst onze verbazing! Er is inmiddels al, in 2020 verschenen, een vierde Bobiversum deel: ‘Heaven’s River’. Ik had er in de recensie van het eerste deel ook al aan gerefereerd. Bender, een Bob die me ontschoten was ergens in de trilogie, had koers gezet naar de sterren en nimmer was er nog iets van hem vernomen. Bob en zijn soortgenoten trekken de verre ruimte in om te onderzoeken wat er van Bender geworden is. Kijk… dat lijkt me alweer een prima verhaal. Van mij mag Iceberg Books het gewoon op de agenda zetten!!!

Jos Lexmond

Want wij zijn met velen – Dennis E. Taylor

Want-wij-zijn-met-velen.jpg

Want wij zijn met velen – Dennis E. Taylor (SF)
Bobiversum 2
Iceberg Books, Amsterdam (2021)
Oorspr.: For We Are Many (Worldbuilders Press, New York (2017))
317 pagina’s, € 19,99
Vertaling: Sander Brik & Marike Groot
Omslag: Michael van Zijl/Das Illustrat

Eigenlijk had ik meteen, na het lezen van ‘Wij zijn legio (wij zijn Bob)’ en het schrijven van die recensie, door kunnen schrijven, want het verhaal loopt naadloos over in dit tweede deel. Voordat iemand slim opmerkt dat dat niet kon, want ik had ‘Want wij zijn met velen’ nog niet eens gelezen, schrijf ik dat zelf snel maar even. Inderdaad! Maar na lezing van dit tweede deel in de Bobiversum-serie, kwam ik dus toch tot die conclusie.

Schreef ik in de vorige recensie dat die Taylor thuis wel een wandje gereserveerd gehouden zou hebben om alle verbanden met alle Bobs en waar die, met wie, uithingen en waar dingen deden. Nu staan hier achterin dit tweede deel wat handige lijstjes om op deze manier een en ander te kunnen volgen. Het ‘begrippen’ lijstje is wel handig, maar ‘personages’… mwah, dat is en blijft nog steeds verwarrend. Het lijstje waar je het meeste aan hebt is toch het ‘genealogie’ lijstje, waarin duidelijk wordt wie van wie afstamt. Maar persoonlijk denk ik toch dat Dennis Taylor er thuis toch maar een tweede wandje bijgenomen heeft.

Het verhaal, dat prachtig vervolgd wordt, laat ik verder voor wat het is. Ik ga alleen zeggen dat het een humorvolle must is om te lezen en dan gewoon bij deel een beginnen, dan braaf deel twee, om vervolgens te eindigen in deel drie. Je zult er absoluut geen spijt van krijgen.

Waar ik het wel nog even over wilde hebben is het feit dat ik op een gegeven moment tijdens het lezen van dit verhaal, eens zat te peinzen over de impact van een leven als KI in een ruimteschip. Ik werd getriggerd door het volgende:

Niet alleen kunnen de Bobs digitaal eten en drinken, ze kunnen ook nog eens digitaal dronken raken. Ik las: “Ik riep een glas cognac op en zette mijn alcoholreceptoren aan. Een bescheiden roes zou heilzaam zijn.” Voor mij toch ook wel weer een pre om gedigitaliseerd te zijn. Als je verder bedenkt dat ze ook een kokhalsreflex hebben, die ze UIT kunnen zetten. Alweer een pre. En een kater… gewoon uitzetten! Natuurlijk is het ook niet allemaal rozengeur en maneschijn, want als er bijvoorbeeld eens een Bridget is, om maar eens iemand te noemen, die verleidelijk naar je lacht, dan zit je daar in je computer, robot, ruimteschip of wat dan ook. Echt lichamelijk kan je je jezelf dan niet echt noemen, maar ik heb wel het vermoeden dat er dan digitaal dan ook wel weer een stokje voor gestoken zou kunnen worden en dat je dan met een zekere mate van fantasie ook wel een heel eind zou kunnen komen. Tel daarbij op dat je vrijwel onsterfelijk wordt en als je lichaam (lees ruimteschip) het mocht begeven, dan bouw je gewoon een nieuwe, laadt daar je back-up in op en… je kunt weer door. Tel daar weer bij op dat je, mocht je een traumatische ervaring op gelopen hebben bij je voortijdig verscheiden, dat die vrij waarschijnlijk niet geback-upt is voordat je vernietigd bent, en dat je die traumatische ervaring dan dus niet terugkrijgt. Dus… weg trauma. Al met al, zat ik me aldus te bedenken, zou een dergelijke oplossing helemaal niet slecht zijn, mocht je oud en krakkemikkig worden. Waar kan ik me inschrijven? Leve de digitale wereld!!!

Waar dit soort verhalen je allemaal niet kunnen brengen, nietwaar? Alweer een reden te meer om deze trilogie tot je te nemen. Je wordt er rijker van in je eigen hoofd. Doen dus!!! De recensie van deel drie komt kortelings, want die had ik eigenlijk ook meteen hieraan vast kunnen schrijven.

Jos Lexmond

Fantastische Vertellingen 61/Tjonge-18

SA61.jpeg

Fantastische Vertellingen 61/Tjonge-18

Stichting Fantastische Vertellingen, Nieuw-Vennep (Maart 2021)

157/31 pagina’s; prijs € 7,95 (jaarabonnement (4 nummers + Tjonge) € 29,95)

Samenstelling: Remco Meisner

Omslag: Ingrid Heit/Fred Hemmes

Verkrijgbaar op: https://shop.pr1ma.nl/

 

Enigszins teleurgesteld ben ik wel, dat moet gezegd! Was er bij de laatste telgen van de Fantastische Vertellingen een stijging van het aantal pagina’s te bespeuren… nu moeten we constateren dat er een dramatische daling in het aantal pagina’s te constateren is. Twee hele pagina’s minder dan FV60. Verschrikkelijk! Wat daar wel niet allemaal voor moois op had gekund? Natuurlijk zijn we wel zo realistisch dat de groei ergens een einde moet hebben, want anders zit je op een gegeven moment met een Fantastische Vertelling van een duizend pagina’s en die je (als je geen Johan Klein Haneveld heet) nog niet uit hebt tegen de tijd dat er een nieuwe verschijnt, maar het handhaven van het laatste aantal pagina’s is toch wel het minste dat je mag verwachten!

Dit bovenste is flauwekul natuurlijk (voor diegenen die denken dat het serieus was), behalve dat van Johan Klein Haneveld dan. Wat een tempo heeft die man. Hij had al een recensie gereed, terwijl de inkt van FV61 nog nat was. Dan ben ik een behoorlijk slag trager. Maar goed… iemand moet het doen: laatste zijn. Laten we snel over gaan tot de inhoudelijke inhoud, dat is het belangrijkste!!!

Zoals immer opent, na de inhoudsopgave (die nogal gemakkelijk vergeten wordt), Remco Meisner met het Meyvistisch Meldrama, wat ook zoals immer, welhaast weer een verhaal is en waarin toch wel oude bekenden bekend voorkomen. Maar waar we uiteindelijk vrij weinig aan hebben. Ik wil niet zeggen dat het in gemeenplaatsen en geklets uit de ruimte verzand, maar toch… Dan toch maar over naar het echte werk!!!

-Dick van de Bij – De ontaarding van Daniël Olde Riekerink (FA) (Illustraties van Marcel Ozymantra)

Fantastisch lang spookverhaal. Geëlektrocuteerd en dus dood, maar toch een invloed hebben op de levenden. Of dat genoeg is…?

-Paul van Leeuwenkamp – Bemoste Beeld-prijs 2021

Over de Bemoste Beeld prijs, zijn winnaar: Mike Jansen én waarom deze hem verdiend heeft. Zijn drive en zijn schrijven. Een artikel zoals alleen Paul van Leeuwenkamp hem schrijven kan. Met een mooie (leuke) foto van allerlei schrijverinnen, schrijvers en andere fantastiek liefhebbers

-Guido Eekhaut – De Poort (SF) (Illustraties van Gert-Jan van den Bemd)

Nota bene opgedragen aan, onder andere, mijzelf! Dat is nooit eerder gebeurd, dus voel ik me vereerd!! Ik was totaal vergeten dat ik inderdaad zelf om zo’n verhaal gevraagd had, maar heel erg leuk het hier en nu aan te treffen. En… alweer een uitermate origineel verhaal. Het was genieten tot op het bot. Een prachtig (ook al lang) SF-raadsel!!!

-Brief Encounters

Korte ontboezemingen van lezers. Soms hartverwarmend en soms alleen maar leuk

Bart de Wolf – Kakelvers – én antwoord van… (illustratie van Fred Hemmes)

Leuk in hun soort. Alhoewel de dageraad gloort, is het niet iets waar men zich aan stoort

-Max Moragie – Essay over Manuel van Loggem

Het essay van Manuel van Loggem brengt mij weer terug in de tijd. Nostalgie en jeugdsentiment. Waar is de tijd gebleven? Morgen is gisteren geworden!

-Onder de indruk

Leuke en mooie recensies van Johan Klein Haneveld en Paul van Leeuwenkamp. En… er was al zoveel nog te lezen. Nu nog meer!!!

-Robert Smets – Een aanslag in de anti-tijd (geen fantastiek) (Illustratie van Frank Norbert Rieter)

Leuk Sherlock Holmes en dr. Watson verhaal, maar naar mijn bescheiden mening geen fantastiek)

-Max Moragie – Achteloos weggeworpen meesterwerken

Prachtig vuijeton, wat op zich alweer bijna een verhaal is. En wat voor een!!! Weliswaar geen fantastiek, of toch…?

-Oxana Langbeen – Oxana’s Oxymoron: Klesse Javer (SF) (Illustratie van Marcel Ozymantra)

Alweer een nieuwe lieve Lita, ofwel Oxana’s Oxymoron, waarin wijsheden gedebiteerd worden en problemen opgelost. Was alles maar zo simpel, nietwaar Jesse?

-Robin Langerak – Voorkennis (SF-HO) (Illustraties van Peter Erhardt)

Het lijkt kinderlijk eenvoudig, het samenstellen van een kind, maar als het kind de procedure doorheeft… erg eng toekomstidee.

-Mike Jansen – Kolom (Illustratie van Gert-Jan van den Bemd)

Prima artikel over de kunst van het samen schrijven van een verhaal. Leuk inkijkje over samenwerkende schrijvers. Hoe ze elkaar ontmoeten en hoe het dan verder gaat. Inderdaad hadden Mike en ik mailcontact over een opmerking die ik maakte tijdens de recensie van EdgeZero. Dit soort dingen maken het werk in Fandata niet gemakkelijker. Meestal is het van: ZOEK HET MAAR UIT (jawel… in hoofdletters). Gelukkig was er ditmaal en in dit geval verduidelijking.

Karel Smolders – Camelot en de kunst van het interstellair tijdreizen (SF) (Illustraties van Marco Bezoet de Bie)

Niet eerder las ik een hilarisch verhaal van Karel Smolders. Meestal zijn zijn verhalen serieuzer van aard. Maar… hilarisch is in dit geval ook heel erg leuk en tijdreizen blijft dat natuurlijk ook.

Al met al was deze Fantastische Vertellingen weer meer dan gevuld met verhalen, artikelen en wat dies meer zij. Het paste welhaast niet tussen de omslag en alle letters erin waren meer dan plezant en onderhoudend, waardoor ik alweer met plezier uitkijk naar de volgende editie. Met dan daarbij de mogelijkheid om Johan Klein Haneveld eens te kunnen verslaan met de eerste recensie. Maar dat zal wel een illusie blijven. Niet dat dat me heel erg droef stemt trouwens.

Omdat ik eigenlijk denk dat Tjonge-18 (Muizige toestanden) toch een té klein blad is om een eigen recensie te krijgen (Ja… het is even slikken). Daarom de recensie toch maar even hier. Om in de dieren te blijven… je zou er haast kippig van worden (of zo scheel als een otter), zo klein. Maar… men moet een gegeven paard niet in de mond kijken, hoewel het bij de konijnen af is, was het wel een leuk verhaal, dat: ‘Een muizenleven’ van Robert Smets in Tjonge 18. Helaas geen fantastiek. Wij van Fandata hebben bepaald dat pratende dieren onderling, geen fantastiek is, pratende dieren met mensen wel. Jaja… regeltjes!!! Ook trouwens een leuk voorwoord van… Remco Meisner: ‘Muizen met Smet’. Omslagillustratie: Patrick Berghof.

Én… ik lees wel degelijk de auteurstekstjes achterin de Fantastische Vertellingen, Bart. Ze zijn aldus opgevat en ik heb er een aantal malen smakelijk om geknipperd en gelachen, dat doet een mens goed. Verontrust? In geen geval!

Jos Lexmond

Wij zijn legio (wij zijn Bob) – Dennis E. Taylor

Wij-zijn-legio.jpg

Wij zijn legio (wij zijn Bob) – Dennis E. Taylor (SF)
Bobiversum 1
Iceberg Books, Amsterdam (2021)
Oorspr.: We Are Legion (We Are Bob) (Worldbuilders Press, New York (2016))
321 pagina’s, € 19,99
Vertaling: Sander Brik & Marike Groot
Omslag: Michael van Zijl/Das Illustrat

Dennis E. Taylor… van deze auteur had ik nog nooit gehoord. Nou is dat niet zo vreemd natuurlijk. Want ik weet niet hoe het met jullie is, maar na de hausse van de jaren zeven en tachtig van de vorige eeuw, toen we met vertaalde SF overspoeld werden, weet ik niet veel van wat er gebeurt op het vlak van de internationale SF. We zijn ons veel meer gaan richten op de Nederlandstalige SF, en daar is helemaal niets mis mee, natuurlijk. De Nederlandstalige fantastiek heeft er een enorme oppepper mee gekregen en als je heden ten dage zo eens rondkijkt gebeurt er op dat vlak genoeg. En uiteraard verschijnt er nog steeds vertaalde SF, maar het staat er niet meer op en je moet er met een lampje naar zoeken. In reeks vorm komt het al helemaal niet meer voor. Persoonlijk heb ik het altijd jammer gevonden de internationale SF zo in het verdoemhoekje was geraakt. Het is fijn dat de Nederlandstalige SF het zo goed doet, maar een mooi gemiddelde was leuker geweest. Daarom was ik zo blij dat Iceberg Books zo maar in het gat sprong. In eerste instantie was ik het niet heel erg eens met de keuze van de titels, maar dat kwam voort uit mijn eigen ‘Wishfull Thinking’ denk ik. Ik had collega lezers bijvoorbeeld Adrian Tchaikovsky de hemel in horen prijzen en zelf was ik nogal gecharmeerd van de half Nederlandse Alastair Reynolds en ook van Jack McDevitt. Van beide heren las ik slechts een eerste boek in het Nederlands en dat was het. In de Engelstalige boeken van hen beiden liep ik jammerlijk vast. En… dat was het dan. Maar goed… de keuze van Iceberg Books. Tot nu toe… niks mis mee. Sterker nog… geweldig. Ook dus Dennis E. Taylor van wie ik eerder niet wist dat hij bestond. Bobiversum… I Love It!!!

Een tijdje terug zag ik al een recensie op Facebook voorbijkomen. Dan moet ik wel heel erg veel moeite doen niet even te ‘Sneak Peaken’. Maar ik moet mijn eigen recensie nog schrijven en wil door niets of niemand beïnvloed worden. Dus, al is het lastig, kijk ik niet!

Het eerste deel van de Bobiversum-serie: ‘Wij zijn legio (wij zijn Bob)’ vertelt het verhaal van Bob Johansson. Hij heeft zijn softwarebedrijf net voor een klein fortuin verkocht en kijkt uit naar een geheel nieuw leven vol vrije tijd. Als eerste wil hij een deel van zijn fortuin spenderen om zich te garanderen van voortbestaan na een onfortuinlijk overlijden. Hij wil zich dan helemaal in laten vriezen. Maar het blijkt dat alleen zijn hoofd dan belangrijk is, want het idee is dat men wacht tot de medische wetenschap ver genoeg is dat artsen dan kunnen genezen wat er kapotgegaan. Maar dan zijn ze waarschijnlijk ook in staat een geheel nieuw lichaam op de kweken. Dat is gemakkelijker dan het oude weer op te lappen. Met de garantie dat het allemaal goed komt, verlaat Bob CryoEterna Inc., om vervolgens te worden overreden als hij de straat oversteekt. Als Bob dan 117 jaar later met een schok weer bij bewustzijn komt weet hij dat hij door een auto aangereden is. Hij voelt helemaal niets. Geen armen geen benen, wat niet zo gek is, want die zijn er niet meer. Een dokter Landers heet hem welkom in zijn nieuwe leven. Nieuwe leven? Bob wordt verteld dat hij geüpload is naar computer-hardware en dat hij kans maakt een KI te worden in een interstellaire Von Neumann-sonde.

Het is het begin van een schitterend en humorvol verhaal van Bob die zelf nieuwe Bobs kan bouwen (die weer nieuwe Bobs kunnen bouwen, die weer nieuwe Bobs kunnen bouwen, etc.) en koers zet naar de interstellaire ruimte om nieuwe aarde-achtige werelden te gaan zoeken voor de overblijvende bevolking van de ter ziele gaande aarde.

Ik denk dat Dennis Taylor wel een wandje in zijn huis gereserveerd heeft om bij te houden welke Bob waar, en wat met wie aan het doen is. Ik moest het zelf welhaast. Maar handig is het dat ze allemaal Bob zijn, dus wat maakt het uit. Ik ben meteen maar met deel twee doorgegaan, dus… kortelings ook die recensie. Er is al een vierde deel uit in het Engelse taalgebied en ik las net dat hij net een contract voor vier nieuwe boeken bij zijn uitgever getekend heeft. Daarvan worden er weer twee gesitueerd in het Bobiversum. Het gaat dus door. Magnifiek!!! Nu maar hopen dat deze ook weer door Iceberg Books vertaald en uitgegeven gaan worden.

Jos Lexmond

Verhalen Vertellers 4

Verhalen-Vertellers-4.jpg

Verhalen Vertellers 4 (DIV)
Uitgeverij Macc, Rijen (2021)
220 pagina’s; prijs 16,95
Omslag: Tais Teng

Het is vast wel eens door me verteld en ik zal het vast nog wel eens vertellen. De jaarlijks verschijnende anthologieën hebben een vast plekje in mijn hart en ik zit altijd te wachten (en meestal een beetje ongeduldig) op de volgende editie. Het zijn natuurlijk Ganymedes, EdgeZero, de jaarlijkse verhalenwedstrijdbundel van Godijn Publishing en last, but not least, Verhalen Vertellers van Uitgeverij Macc. Natuurlijk… er zijn andere anthologieën, maar die verschijnen random en eenmalig. Deze vier hebben een vaste waarde én, wat zeker niet onbelangrijk is, een vaste kwaliteit en worden bevolkt door het puikje van de Nederlandstalige schrijverselite. Nieuw of oud, onbekend of bekend. Veel, heel erg veel en verrassend van nieuwe debuterende schrijvers, waarvan je denkt: waar komen die ineens vandaan. Maar ook veel en verrassend van gevestigde schrijvers. Hoe dan ook, maar altijd weer van hoge kwaliteit. Ik zou me er dus eigenlijk van af kunnen maken door te zeggen: Geweldig! Doen! Aanschaffen! Natuurlijk, maar zoals ik de laatste jaren gewoon ben, ga ik weer van elk verhaal van elke auteur weer iets zeggen. Ter zake doende, of misschien wel cryptisch, maar er is altijd wel achter te komen van wat ik bedoel, als je het verhaal eenmaal gelezen hebt! Het kan de keuze misschien vergemakkelijken.

Deze keer alweer de vierde versie van Verhalen Vertellers. Verrassend hierin een verdwaalde buitenlander met een bijdrage. Moet kunnen, maar deze staat erin met een speciale reden! En verder een fijne mix van ‘The Usual Suspects’, zonder echte debutanten, maar toch nog wel een paar die je niet al te vaak tegenkomt. Hier komen ze inhoudelijk!

Jeff Carlson – Planeet van de Sealies (SF) – Gepubliceerd als eerbetoon aan de in 2017 (aan een agressieve vorm van longkanker) overleden Jeff Carlson. Ook deze bundel is aan hem opgedragen! Hij was de auteur van de Plaag trilogie welke in 2014/2015 verscheen bij Uitgeverij Macc. Deze ‘Planeet van de Sealies’ is verrassende SF waaraan je begint met een fout aanname (ik wel in ieder geval), waardoor ik in verwarring raakte en daarna volkomen verrast werd. Leuk als dat gebeurt!!! Misschien was het wel handig geweest om de originele titel hierbij te vermelden, alsmede de vertaler dezes. Nou heb ik het zelf op moeten zoeken. Het is (verrassend): ‘Planet of the Sealies’ en het verscheen voor het eerst in 2011 in het februari nummer van: Asimov’s Science Fiction. De vertaler is onbekend, maar ik vermoed dat het Theo Barkel is.

Johan Klein Haneveld – De Gaten (SF) – Het recht van de sterkste, zou je dit verhaal als subtitel mee hebben kunnen geven. Alleen is dat niet altijd zo. Intelligentie, semi-intelligentie… wie denken wij mensen wel niet wie we zijn? Het zijn maar kreeften? Fijn verhaal.

Jaap Boekestein – Kom Dappere Burger, Versterk de Rangen van het Oneindige Rijk (SF) Ha, dacht ik meteen, een Luhflhofen verhaal! Eerdere verhalen (van Jaap alleen, of samen met Tais Teng) waren me al meer dan goed bevallen én het is inmiddels een van mijn meest favoriete schelmen aan het worden. Met dit verhaal legt hij de basis voor een triljard nieuwe Melkweg omvattende verhalen van deze Sergio Wilhelm Wang-von Luhflhofen. Bij de laatste melding had hij al 270.000 woorden, dus hij is aardig onderweg. Prachtig en… meer graag!!!

Theo Barkel & Johan Klein Haneveld – Kweekvlees (SF) – Verhaal uit de wereld van de quantumdetectives. Leuk zo’n verhaal waarin je de samenwerking tussen twee auteurs kan herkennen. Theo maakt het verhaal wat luchtiger en humoristischer, waar Johan wat serieuzer is (correct me when I’m wrong). Leuk SF-verhaal. Na de zeekraalburger is er nu ook een kweekvleesburger, maar… . Het verhaal lijkt me de aanzet tot een nieuwe quantumdetectives roman, maar ik hoorde net van de week dat die er niet gaat komen. Theo en Johan werken wel aan een nieuwe andere roman. Benieuwd en #zinin!!!

Theo Barkel – Drie (SF) – Dat Theo iets heeft met buitenaards eten, is nu niet meer te ontkennen. Een hilarische maaltijd in Thorsen en Daine, en dan nu weer een als een bevestiging van een handelsdeal. Ik mag dat wel! De rest van het verhaal is te omschrijven als schelmachtig, waanzinnig en prachtig overgoten met een Perry Rhodan sausje. Dolle pret!!!

Martijn Kregting – Groot wild (SF) – Hoeveel versies van jezelf zijn er eigenlijk? Of moet de vraag zijn: Hoeveel alternatieve realiteiten zijn er eigenlijk? Hoe dan ook… de echte waarheid is dat er altijd een baas boven baas is! Van Martijn zien we tegenwoordig veel te weinig.

Nanouk Kira – Een spel van vuur en water (FA) – Een magiër die node gemist wordt, staat op. Eerst verguist en gepest kan ze zich revancheren. Iets nieuws onder de zon? Nooit eerder iets gelezen van Nanouk Kira. Het is een aardig verhaaltje, maar niet meer dan dat.

Gé Ansems – De Slangfluit (FA) – Een vrij moeilijk lopend, onwaarschijnlijk Iers, fantasy verhaal over Sint Patrick, betoverde slangen, kleine groene mannetjes en een fluitspeler. Wat ik me afvraag is of ze op 18 maart 1895 al afkickverschijnselen kenden. Fysiek misschien wel, maar het woord? Maar… wel leuk verteld!

Karel Smolders – Vonnis met uitstel (SP) – Hoe het verleden je ook achtervolgd en op jaagt, nooit verandert er iets. Een leven als een hel, én ze komen terug. Karel Smolders, altijd origineel en aantrekkelijk. Nu met een indrukwekkend spookverhaal.

Tais Teng – Over bestrate hemels en een diamanten oceaan (SF) – Met een Tais Teng als afsluiter van je anthologie, zit je altijd goed. Megalomane structuren, de nieuwe achterbuurt, prachtige biologische mogelijkheden met navrante aanpassingen en ga zo maar door. Over de top avonturenverhaal met een verassend einde. Het is ook nog eens het langste verhaal, dus… wat wil een mens nou nog meer!

Tais Teng is ook weer verantwoordelijk voor de intrigerende omslag. Al met al weer een prachtige verzameling verhalen, die me weer een paar leuke uurtjes bezig hebben gehouden. Daarom Theo… Verhalen Vertellers 5 mag doorkomen!!! Helaas is het weer geduld betrachten, zucht!

Jos Lexmond

De machineplaag – Frank van Dongen

De-machineplaag.jpg

De machineplaag – Frank van Dongen (SF)
De Ontdekking van de Mens-serie, deel 2
Iceberg Books, Amsterdam (2022)
412 pagina’s, € 24,99
Omslag: Michael van Zijl/Slobodan Cedic

Door wat persoonlijk moeilijke maanden ben ik behoorlijk achter geraakt met het recensiegebeuren. De stapel ‘nog te doen’ boeken liep eigenlijk alleen maar op. Momenteel ben ik die immense stapel weer een beetje aan het wegwerken en loop ik de ontstane achterstand mooi weer een beetje in. Gelukkig kon ik op veel begrip rekenen van de diverse uitgevers en ook van Iceberg Books, niets dan bemoedigende woorden en “dat ik het maar rustig aan moest doen, de gezondheid ging voor”. Dat ik daar dankbaar voor ben en waardering voor heb, mag duidelijk wezen én ook wel eens gezegd mogen worden! Het grootste probleem van de opgelopen achterstand, vind ik, was dat ik eigenlijk zoveel mogelijk boeken aandacht moet geven. Dat gaat natuurlijk niet en daarom las ik ‘De Ontdekking van de Mens’ niet in een keer, maar koos ook nog voor andere boeken tussendoor. Daardoor was ik dan weer bang dat ik de aansluiting tussen deel 1 en deel 2 zou missen, waardoor het mooie van serie verloren zou gaan. Gelukkig was dat niet zo. Beide boeken lopen naadloos in elkaar over en ik zat er zo weer in. Klasse!!!

De gebeurtenissen in het verhaal spelen zich nu af tussen 2070 en 2093. Jack Newman zit het grootste deel van het verhaal met levenslang in de gevangenis, in de Detroit Detentie Compound. Hij is veroordeeld als terrorist en het is voor het eerst in jaren dat er weer iemand als terrorist geduid wordt. In die gevangenis zit hij niet stil, maar wordt onder leiding van Nils Nagel, een crimineel die zich als alfa-man een ongenaakbare status in de gevangenis verworven heeft, opgeleid om de volgende alfa-man te worden. Dit doet hij met een nietsontziende wil en bruutheid. Het is nodig om zichzelf te beschermen na de tijd dat Nils Nagel weer op vrije voeten komt. Het fysiek afbreken van een tegenstander geeft Jack steeds meer voldoening. Volgens Nils doen ze aan ongediertebestrijding. Ze roeien hun medegevangenen niet uit, maar wijzen ze hun plek en houden ze op een beheersbaar niveau. Het gevangenisbestuur vindt dat prachtig. Die zouden het liefst helemaal geen gevangenen meer hebben. Sinds de universele mensenrechten ook in gevangenissen gelden, zitten ze met de gevangenen in hun maag. Als het kon, zouden ze een bonus zetten op het doden van medegevangenen, maar dat mag natuurlijk niet. Intussen houdt Jack zich nog steeds met onderzoek om de mensheid onsterfelijk te maken, want de aarde heeft niet veel tijd meer. Het wordt hoog tijd de mensheid te evacueren.

Deze aarde, daar gaat het inderdaad niet best mee. De mensheid is nu compleet afgestompt en houdt zich alleen nog bezig met eten en een online leven en geniet van games en EroHero porno. Wel is er een ontwikkeling op voedingsgebied waardoor de mensheid weer gezonder kan worden. Prachtige ontwikkeling waarover je zelf maar meer moet lezen. Ik vond de oplossing schitterend én simpel!

Na een wereldwijde ramp, veroorzaakt door… zijn er ongeveer een miljard slachtoffers te betreuren en voor lage landen aan de kust zullen de gebeurtenissen onoverkomelijk blijken te zijn. Ook de tweelingbroer van Jack, Redmond heeft het zwaar. Hij is gestrand in het duizend eilanden experiment. Op een verre wereld strijdt hij tegen de Feind, een vijandige beschaving die een invasie van de aarde aan het voorbereiden zijn.

Het was weer geweldige SF, dat internationaal hoge ogen zou kunnen gooien. Jammer dat ik het derde deel ‘De Feind invasie’, weer even moet laten rusten. Er moeten weer even een paar andere boeken tussendoor, waaronder het eerste deel van de Bobiversum serie, ook van Iceberg Books (al halverwege én… ook prachtig!). Maar dan gauw weer terug naar het laatste deel van ‘De Ontdekking van de Mens’. Prachtige trilogie die ik best nog wel een zal gaan lezen en dan in één keer!!! Ook ‘Het gebouw’ ligt alweer klaar. Kan er mooi meteen achteraan!

Jos Lexmond

One Small Step – For All Mankind – HSF (2021/3)

Wat als Neil Armstrong niet de eerste man op de maan was?

Er zijn van die momenten in de geschiedenis waarbij iedereen die het meegemaakt heeft zich nog kan herinneren waar ze waren toen het gebeurde. 24 juli 1969 is zo’n datum. Ik was zelf nog lang niet geboren, maar mijn ouders weten nog waar ze waren toen Neil Armstrong zijn eerst stap op het oppervlak van de maan zette en de historische woorden ‘That’s one small step for man; One giant leap for mandkind’ uitsprak. Deze maanlanding was ook een bepalend moment in de ruimterace tussen de Amerikanen en de Sovjet Unie. Hoewel de Amerikanen tot dat punt alle belangrijke eerste keren in de ruimterace aan de Sovjets hadden moeten laten, en het ook echt niet zeker was dat ze als eerste op de maan zouden landen, was de grote prijs toch voor hen. En daarmee was de ruimterace voorbij. Het Apollo-programma duurde korter dan gepland en een aantal andere grote ideeën op het gebied van de ruimtevaart zijn voor langere tijd in de ijskast geplaatst. De Amerikanen hadden de ruimterace gewonnen. Maar wat nou als de eerste woorden van een mens op de maan als volgt hadden geklonken ‘Я делаю этот шаг ради своей страны, своего народа и марксистско-ленинского образа жизни, зная, что сегодня – всего лишь один маленький шаг в путешествии, которое приведет всех нас к звездам’. Het had in de eerste plaats even geduurd voordat het vertaald was en dan had het zo geklonken ‘I take this step for my country, for my people, and for the Marxist-Leninist way of life, knowing that today is but one small step on a journey that will take us all to the stars’. Het had verder ook betekend dat de ruimterace niet zou ophouden bij de eerste mens op de maan. En dat is precies waar de televisieserie “For All Mankind” van Apple over gaat.

Apple heeft, in navolging van Netflix, Amazon, Disney en HBO, op 1 november 2019 zijn eigen streamingplatform Apple TV+ gelanceerd. Voor dit platform werd een aantal dure producties aangekondigd waaronder For All Mankind, een nieuwe serie van Ronald D. Moore, schrijver en producent van Star Trek TNG, Star Trek DS9, Star Trek First Contact, Battlestar Galactica en Outlander. Ik behoor niet tot de Apple fanclub, maar deze serie was absoluut reden om een abonnement te willen. Dat kostte meer moeite dan je zou verwachten, maar na de nodige frustraties, gemopper en met hulp van Reddit lukte het toch om Apple geld te geven om hun series te mogen zien. En vervolgens heb ik twee seizoen van For All Mankind in iets meer dan een weekend gezien. De laatste keer dat ik het gevoel heb gehad dat ik zo graag door wilde kijken was met de Netflixserie Dark (in een vorig nummer al eens uitgebreid besproken). For All Mankind neemt het genre alternatieve geschiedenis erg serieus. Wat ervoor zorgt dat er heel veel aandacht besteed is aan historische details. Zo is de set van NASA Mission Control in Houston een bijna exacte kopie van het origineel. Ook aan kleding, haarstijlen, voertuigen, huizen en verdere omgeving is veel aandacht besteed. Er is goed te zien dat er groot budget was en dat geld is goed uitgegeven. Een van de mooie dingen vind ik hoe bijvoorbeeld de toespraak die Richard Nixon had voorbereid als de Amerikanen niet als eerste op de maan zouden landen gebruikt is. Als historicus met een specialisatie in Amerikaanse politieke geschiedenis, en nog specifieker de carrière van Richard Nixon, werd ik hier heel blij van. Maar ik vond het nog mooier dat Nixon in 1972 de verkiezingen verliest van Ted Kennedy.

Doordat de serie gaat over wat er zou zijn gebeurd als de Amerikanen niet al eerste op de maan zijn geland ontstaan er al snel verschillen met onze tijdlijn. Die verschillen zijn groot en klein. De kijker wordt hierin meegenomen doordat we aantal karakters volgen en goed leren kennen. Wat meteen, naast aandacht voor details, de andere reden is waarom ik deze serie zo goed vind. Ik ben als kijker echt om de karakters gaan geven en de serie is op een dusdanige manier geschreven dat je ook nooit weet of een karakter het einde van een aflevering, of het seizoen, gaat halen. Een deel van de karakters is gebaseerd op mensen die echt onderdeel waren van NASA en verschillende Amerikaanse overheidsdiensten. De grootste focus ligt natuurlijk op de astronauten en hun familie. We volgen Ed Baldwin, Gordo Stevens en zijn vrouw Tracey, Ellen Waverly, Danielle Poole en Molly Cobb. Naast de astronauten ligt de focus op alles wat er rond Mission Control gebeurt. Het belangrijkste karakter dat we hierbij volgen is Margo Madison. En ja het valt meteen op dat er veel vrouwen gevolgd worden. Dat komt doordat de Sovjets niet alleen de eerste man, maar kort daarna ook de eerste vrouw, op de maan weten te laten landen. Dit zorgt ervoor dat Nixon niet wil achterblijven en de Mercury Seven opeens weer interessant worden. Ook Gordo Stevens’ vrouw Tracey wordt gevraagd om te gaan trainen om astronaut te worden. Maar de focus van de serie is, wat mij betreft gelukkig, breder dan alleen maar het feit dat vrouwen nu eerder volwaardig onderdeel van het ruimtevaartprogramma zijn. Ook andere sociale thema’s komen aan bod waaronder de civil rights movement, maar ook wat het betekent om niet volledig jezelf te kunnen zijn omdat je seksuele geaardheid het niet toe laat dat je een astronaut bent. En dit alles wordt op een zo integer mogelijke manier behandeld waarbij er zo min mogelijk met een verwijtend vingertje gewezen wordt. Ook is het niet zo dat doordat de geschiedenis in deze serie anders verloopt alle maatschappelijke problemen daardoor opeens opgelost zijn of worden.

De serie volgt de karakters over een langere tijd terwijl de spanningen met de Sovjets in de ruimte, en op aarde, langzaam toenemen op de achtergrond. Het eerste seizoen gaat over de bouw van de eerste permanent bewoonde basis op de maan Jamestown, het tweede seizoen gaat over het uitbreiden van deze basis en over de voorbereidingen voor een reis naar Mars. In het tweede seizoen zijn we inmiddels aanbeland in de jaren ’80 en komt ook onze eigen Wubbo Ockels nog voor. Hij heeft de maan ook gehaald en mag daar een tijd leven en werken. Het voordeel van karakters over een langere tijd volgen is dat de serie ook de tijd neemt om te laten zien wat de gevolgen zijn van bepaalde gebeurtenissen en acties. Zo komt de zoon van Ed Baldwin en zijn vrouw Karen te overlijden terwijl Ed door omstandigheden op dat moment alleen op de maan is en niet naar huis kan komen. De serie neemt de tijd om te laten zien wat dit voor gevolgen heeft op korte termijn. Karen moet alles zelf regelen, ze heeft geen echtgenoot om op terug te vallen of om haar verdriet mee te delen en moet zelfs in eerste instantie tegen hem liegen over wat er gaande is, en op lange termijn, Ed verwerkt het verlies zijn zoon heel anders dan zijn vrouw en daardoor groeien ze langzaam uit elkaar. Eenzelfde soort langdurige verhaallijn is te zien tussen Gordo en Tracey Stevens. Gordo heeft aan het begin van de serie erg veel last van het feit dat hij tijdens de vlucht van Apollo 10 niet de orders vanuit Houston genegeerd heeft en alsnog op de Maan zou zijn geland. In dat geval zouden de Amerikanen wel als eerste op de maan zijn geweest. Maar de orders waren nu eenmaal anders, ook al had het best gekund. Deze psychische last draag Gordo met zich mee. Ondertussen moet hij er mee leren leven dat zijn vrouw ook astronaut gaat worden en later is. Hun relatie is hoe dan ook turbulent te noemen. Tracey weet dat hij vreemd is gegaan en als ze de kans krijgt laat ze dit ook aan hem weten. Bovendien trekt zij veel media aandacht door wie ze is, iets wat Gordo niet makkelijk vindt. Als hij dan ook nog tijdens een missie dingen gaat zien die er niet zijn en eerder terug naar huis gehaald moet worden zoekt hij een psycholoog op. Tracey kan ondertussen steeds moeilijker met hem samen leven en ze scheiden dan ook van elkaar. Dit betekent niet dat ze gelukkiger worden zonder elkaar. Een deel van het tweede seizoen gaat over hun relatie na de scheiding en hoe ze elkaar, als ze samen op Jamestown verblijven, toch weer terugvinden. En dan gebeurt, ook daarvoor moet je gewoon zelf maar gaan kijken.

Daarnaast laat de serie zien wat er met de technologische ontwikkeling gebeurd had kunnen zijn als de ruimterace wel doorgegaan was. Het mooie hieraan is dat in de wereld die neergezet wordt de karakters hier heel vanzelfsprekend mee om gaan. Dus als Margo de stekker lostrekt van haar elektrische auto begin seizoen 2 wordt hier verder niet de nadruk op gelegd. Hetzelfde geldt voor andere veranderingen. Maar dit betekent ook dat de technologie die voor militaire doeleinden gebruikt kan worden sneller gaat. Dit roept vragen op, waaronder of er wapens op de maan zouden moeten zijn. En als die wapens er zijn, wanneer gebruik je die dan? Het tweede seizoen gaat voor een deel om de vraag: wie schiet waarom als eerste op de ander? De spanning wordt opgedreven vooral doordat wij als kijkers net zo weinig over de Sovjets weten als de Amerikanen doen. Dus ook wij kunnen moeilijk inschatten wat de echte agenda nou is. Hierdoor snap je beslissingen die genomen worden, ook als deze beslissingen achteraf precies de gevolgen hebben die er eigenlijk mee voorkomen hadden moeten worden. Ik kijk erg uit naar het 3e seizoen dat er zeker komt. Gezien de hint aan het einde van het tweede seizoen lijkt het er op dat dit in de jaren ’90 speelt. Ik ben benieuwd wie er nog zijn, wiens kinderen we gaan zien en welke nieuwe karakters er zullen zijn. Maar vooral ook naar de vraag: Wie was er als eerste op Mars en wat is er gezegd?

Deze recensie, door Marlies Scholte Hoeksema, is eerder verschenen in HSF (2021/3).

For All Mankind | Apple TV+

Once Upon A Time – HSF (2021/3)

Once Upon a Time…

There was an enchanted forest filled with all the classic characters we know

… or think we know.

One day, they found themselves trapped in a place where all their happy endings were stolen: Our World.

Met deze woorden begint Once Upon a Time, een Amerikaanse fantasy-serie gecreëerd door Edward Kitsis en Adam Horowitz (bekend van Lost) en van 2011 tot 2018 uitgezonden door Disney’s ABC. De serie is het best te omschrijven als Disney met een twist. Een echte aanrader voor fans van sprookjes. Deze serie stond al een behoorlijke tijd in mijn Netflix-lijst, en tijdens de lockdown begin dit jaar ben ik met deze serie begonnen. En wat had ik spijt dat ik dat niet eerder heb gedaan.

In het fictieve stadje Storybrooke, Maine neemt Once Upon a Time je gedurende 6 seizoenen mee in het leven van Emma Swan, dochter van Snow White en Prince Charming, en haar zoon Henry. Ondersteund door een heel sprookjesbos aan karakters wordt er gevochten tegen slechteriken, worden vloeken verbroken en wordt er een verhaal geschetst over het (terug)vinden van familie en liefde.

Emma (Jennifer Morrison) werd door haar ouders naar onze wereld gestuurd om haar te behoeden voor de vloek van Evil Queen Regina (Lana Parilla). Zij wordt op haar 28e verjaardag verrast door Henry (Jared Gilmore), haar zoon die zij 10 jaar geleden heeft opgegeven voor adoptie. Henry weet haar te overtuigen om mee te gaan naar Storybrooke, waar niemand weet wie zij echt zijn door de vloek… behalve Mr. Gold. Briljant neergezet door Robert Carlyle, heeft Mr. Gold een soort dubbelrol: in onze wereld is hij een ietwat dubieuze winkeleigenaar, in het Enchanted Forest staat hij bekend als Rumplestiltskin, de Dark One. Met zijn hoge stemmetje, goud-groene huid en krokodillenleer begrijp je meteen waarom mensen hem liever uit de weg gaan.

Vele sprookjesfiguren passeren de revue, maar niet op de manier waarop je verwacht. ‘Once’ neemt de sprookjes zoals iedereen ze kent en geeft er een draai aan. Een aantal voorbeelden: Roodkapje is tevens de wolf, Peter Pan is de slechterik en de boze koningin blijkt uiteindelijk helemaal niet zo slecht te zijn. Dat is gelijk ook een van de sterke punten van Once Upon a Time: iemand is niet volledig goed of volledig slecht. Snow White heeft ook een duistere kant, en Captain Hook transformeert in 5 seizoenen van slechterik tot held.

Elk seizoen is opgedeeld in 2 verhaallijnen, waarbij vrijwel elke aflevering een verhaallijn in het heden en – via flashbacks – het verleden heeft. Op deze manier krijg je gedurende de seizoenen steeds meer te weten over de karakters. Het nadeel? Probeer al die tijdlijnen nog maar eens uit elkaar te houden. Voeg daar een stamboom aan toe die niet te volgen is, giet er een lading Disney-films overheen en je hebt Once Upon a Time in een notendop.
En omdat het toch Disney blijft, kan bij deze serie een musicalaflevering niet ontbreken. Je moet er even geduld voor hebben (tot seizoen 6, aflevering 20), maar dan krijg je een aflevering gevuld met liedjes die de Disney-naam eer aandoen. “Revenge is gonna be mine” is een aanrader, wie houdt er nou niet van een piratenlied.

Na 6 seizoenen heeft het grootste deel van de cast zijn of haar happy ending gevonden. Het 7e en tevens laatste seizoen gooit het over een andere boeg, waarin we een volwassen Henry volgen die – vervloekt en wel – in Seattle woont. Het grootste deel van de originele cast (lees: de hele cast op 3 na) komt niet terug in het laatste seizoen en dit is, samen met een verandering in zendtijd, dan ook de ondergang van de serie geworden. Persoonlijk vind ik het laatste seizoen best goed, er worden leuke nieuwe karakters geïntroduceerd, maar het voelt toch niet als Once Upon a Time. Helaas wordt er heel veel achtergrondverhaal in korte tijd gepropt, waardoor het seizoen erg gehaast voelt. Ik ben van mening dat het een groter succes zou zijn geweest als spin-off. Als je het seizoen op die manier kijkt, is het prima te doen.

Ook al is Once Upon a Time al even gestopt, de fanbase is nog even enthousiast als toen de serie nog liep. ‘Oncers’ zijn nog altijd goed vertegenwoordigd op conventies waar acteurs aanwezig zijn, en ook online zijn de fans terug te vinden via bijvoorbeeld fanfiction. Op fanfiction.net staat Once Upon a Time op de 5e plaats qua aantal verhalen, met ruim 53 duizend verhalen in meer dan 20 talen. En dat laat mooi zien dat we, waar ook ter wereld, allemaal wel eens een serie over hoop met een beetje magie kunnen gebruiken.

Deze recensie, door Laura van Kuik, is eerder verschenen in HSF (2021/3).

Watch Once Upon a Time | Full episodes | Disney+ (disneyplus.com)