Guido Eekhaut – Hier hoor ik niet thuis (SF)
Stichting Fantastische Vertellingen, Nieuw-Vennep (2025) Rare boekjes-reeks 68
237 pagina’s; prijs 11,95
Omslag: Ingrid Heit/Lex van Heereveld
Illustraties: Lex van Heereveld
Hier hoor ik niet thuis! Inderdaad… daar hoorde hij niet thuis, maar daar laggie wel! Onderaan de stapel! Een klein boekje aan het gezicht onttrokken door een dikke pil. Hij was wel gelezen, dat wel. Maar dus in het ongerede geraakt, onzichtbaar en dus vergeten. Hoe jammer en hoe verdrietig. Er was echter een probleem… ik had hem wel gelezen én wel wat aantekeningen gemaakt, maar heel erg weinig (want dat uitgebreid aantekeningen (lees: complete bespreking!) doe ik wel bij korte verhalen. Bij boeken wordt ik meestal zo gepakt door het verhaal dat dat erbij in de vergetelheid raakt. Dus…
…time-out! Even snellezen, dan komt het wel weer terug! Hoop ik. Tot zo!
Het is een uur later! Dat kan ik makkelijk zeggen, maar het is echt zo. Snellezen? Ammehoela, het verhaal greep me, weer (denk ik, moet wel). Dus ik ga het gewoon lekker nog eens (absoluut!) lezen. Tot later! Ik meld me wel weer.
Het is 48 uur later! (nee hoor, minimaal twee keer zoveel uren, maar ik wil de algemene indruk die ik heb als snellezer, niet al té veel schaden). Ik heb Hier hoor ik niet thuis voor een tweede maal door de ogen gehaald. Vrijwel niets kwam me bekend voor, maar dat was eigenlijk al genoeglijk bekend. Mijn geheugen is zo lek als een mandje! Eigenlijk (ik steek er zelf maar de draak mee) is het zo dat ik nog maar aan één boek genoeg heb! Tegen de tijd dat het uit is, kan ik gewoon weer vooraan beginnen en er wederom frank en vrij van genieten.
Maar goed… uit met de pret. Het is een serieus boek, dat serieus genomen dient te worden. Het verhaalt van een man, die overigens anoniem (ik) blijft, die het aanbod van een onduidelijke baan, iets voor ene Rob, met een ministerie en redactiewerk, accepteert. Hij neemt daarmee afstand van een even onduidelijke job in het reclamewezen en zijn leven in Londen samen met Erica, waar hij net zo gemakkelijk afstand van neemt als van de rest. Hij verdenkt haar ervan vreemd te gaan. Zij neemt overigens net zo gemakkelijk afscheid van hem, dus misschien zit er toch een grond van waarheid in het vreemdgaan.
Samen met Rob gaat hij in Overton, een klein plaatsje, ver van de grote stad, met twee pubs. Rob heeft daar een huis (geen cottage) gehuurd met een interieur dat ‘Koude Oorlog’ ademt, mét een tintje Margaret Thatcher. De lokale bevolking bestaat hoofdzakelijk uit boeren, die amper hun hoofd boven water kunnen houden. Kortom… geld zit er niet. Samen voeren ze werk uit voor een (?) ministerie. Rob doet er geheimzinnig over en verdwijnt geregeld met zijn auto en de ‘ik’ persoon krijgt teksten die hij moet testen op leesbaarheid. So far… so good!
Het verhaal jeukt, tijdens het gehele verhaal, onderhuids. Je kunt het geen naam geven, maar dat er iets niet goed zit, dat weet je als lezer donders goed. Al de vraagtekens die al doende ontstaan, dienen beantwoord ter worden, voordat het verhaal ten einde is, of ik krab mezelf, tot bloedens toe, open!
De klimaat gerelateerde problemen beginnen klein. De stoepstenen worden glad vanwege een bruin slijm, dat is het voor nu, maar later worden de problemen zachtjes aan erger. De geruchten ook, zeker uit Londen, dat er iets met het water is. Kortom… de dreiging (en de jeuk) neemt toe, en… de overheid zwijgt!
Het lijkt er op dat Guido hier een heel stuk van zijn eigen leven in de ‘ik’ persoon heeft gestopt (denk ik zo maar). Op diverse momenten komen er schrijvers als J.G. Ballard en Clifford D. Simak voorbij en op andere momenten horror schrijvers als H.P. Lovecraft, Clark Ashton Smith en Shirley Jackson langs, alsook Jean Ray. Precies diezelfde schrijvers die ook in mijn jeugd mijn revue passeerden en die mij soms met hoogrode konen van spanning verfden. Even terugkomend op Clifford D. Simak. Katten overleven de mens, zoals ook in een boek van Simak. Katten, Simak? Welk boek was dat? Irritant, is dat. Als je het wel moet weten, maar je weet het niet! Maar… ik kom er wel achter. City, was het City? Nee, dat was met honden. Als er iemand is die het wel weet… laat het me dan even weten, ok?
Maar… lees dit fascinerende relaas van Guido ademloos en krijg er net als ik de zenuwen van (één keer is voldoende, twee (of meer) keer mag ook). En vooral op dit moment, als Europa geteisterd worden door de ergste klimaatgerelateerde branden, maakt het een nog grotere indruk.
Jos Lexmond
