Armada – Ernest Cline (YSF)

Armada – Ernest Cline (YSF)
Uitgeverij Q, Amsterdam – Antwerpen (2016)
382 pagina’s; prijs 17,50
Oorspr.: Armada – (Crown Publishing Group – 2015)
Vertaling: Ralph van der Aa
Omslag: Adept Vormgeving
Illustraties: Russell Walks

Met ‘Ready player one’, won Ernest Cline de Prometheus Award 2012. Een dag na de publicatie van ‘Ready player one’ (in 2010)werden de filmrechten al verkocht aan Warner Bros. Naar verluidt wordt de film, geregisseerd door Steven Spielberg, uitgebracht in 2018.
De vertaling van het boek verscheen in 2014. Ik heb het (nog) niet gelezen, maar ga het alsnog op mijn lijstje van te lezen boeken zetten. Of ik er ooit nog aan toe kom… dat weet ik niet, maar de intentie is er en dat is het belangrijkst.
De filmrechten van ‘Armada’ werden al ruim voor de publicatie verkocht aan Universal Pictures. Dus het gaat goed met meneer Cline, dat mogen we wel stellen.
‘Ready player one’ en ‘Armada’ hebben beiden hun roots in de gamewereld. Een wereld waar ik niet echt in thuis ben. Of liever: echt niet in thuis ben. Ik ben gestopt met gamen toen het wereldberoemde ping pong, gespeeld op de televisie (ken je nagaan hoe oud ik ben) immens populair was. Zelfs op de laagste snelheid had ik al moeite de ‘bal’ terug te slaan. Ik gaf de moed heel gauw op. Dus ik weet niets van gamen, daar komt het op neer.

Hoe dan ook. Zack Lightman is wel een gamer en een goede ook. Op een dag op school tijdens een bijzonder saaie les wiskunde kijkt hij uit het raam en ziet hij een ruimteschip langs vliegen. Het is een Sobrukai Glaive fighter, een van de ruimteschepen die bestuurd werden door boosaardige aliens uit het spel Armada, zijn favoriete videogame. Sterker nog… Zack is een van de beste spelers van de wereld. Hij staat op de zesde plaats op de wereldranglijst. Wat hij zag blijkt meer dan echt te zijn. Buitenaardse wezens zijn vastbesloten om de aarde te vernietigen en zullen binnen vierentwintig uur aanvallen. De wereld maakt zich op voor een verwoestende aanval.
Zack’s vader die (kleine spoiler) gestorven was bij een ongeluk, blijkt niet dood te zijn. Al in 1973, toen de Pioneer 10 langs Europa (een maan van Jupiter) scheerde bleken daar al tekenen van buitenaardse beschaving en de aarde had tijd om haar verdediging te organiseren. Zack’s vader werd al vroeg ingelijfd en is nu een hoge pief bij de Earth Defence Alliance. Jarenlang, zonder het te weten, werden gamers via het spel Armada opgeleid om aliens te bestrijden. Miljoenen drones staan klaar om via game consoles bestuurd te worden door even zoveel gamers. Het lot van de wereld ligt in de handen van de nerds. Zach moet een moeilijke beslissing nemen om de aarde en haar bewoners te redden van de ondergang.

Het verhaal is wel wat over de top, maar wie kan het wat schelen. Het is snel en wordt met vaart en passie verteld. Ik heb er behoorlijk wat plezier aan beleefd. Misschien ga ik het gamen ook nog eens leren, en heel misschien kan ik dan ook nog eens in een interceptor tegen kwaadaardige aliens vechten, al vrees ik dat ik dan in een van de traagste interceptors zal moeten vliegen die er maar zijn. Reactievermogen van lik me vestje.

Jos Lexmond

Tinnen soldaten – Chistopher Golden (SF)

Tinnen soldaten – Chistopher Golden (SF)
Uitgeverij Luitingh-Sijthoff B.V., Amsterdam (2016)
380 pagina’s; prijs 19,99
Oorspr.: Tin Men – (Ballantine Books, New York – 2015)
Vertaling: Pieter Janssens
Omslag: Headline/DPS

Hoewel Christopher Golden al heel wat romans op zijn naam heeft staan, kennen wij hem hier voornamelijk van zijn Buffy the Vampire Slayer romans die hij samen met Nancy Holder schreef en in vertaling bij Uitgeverij de Eenhoorn verschenen zijn. Nu dus, out of the blue, ‘Tinnen soldaten’. En terecht zou ik zeggen. De filmrechten zijn al verkocht aan Warner Bros, zelfs al voordat het boek maar verschenen was. Ook al terecht zou ik zeggen, want als je het boek leest wordt het als een film voor je ogen afgespeeld. Zelden een boek gelezen dat zo filmisch geschreven is. Ik denk zelfs niet dat er een script schrijver aan te pas hoeft te komen.
Op de omslag staat: ‘Golden vertrekt met piepende banden en neemt geen gas terug, het is een geweldige leeservaring.’ Het is een uitspraak van Scott Smith (whoever that may be). Meestal moet je dit soort kreten met een flinke korrel zou nemen, maar dit keer kan ik er weinig aan toevoegen. Het is helemaal waar.

Waar gaat het allemaal over? ‘Tinnen soldaten’ speelt zich af in een nabije toekomst van onze aarde en als je alle ellende doortrekt die zich heden ten dage op onze planeet aan de gang is en er een schepje of twee bovenop doet, dan heb je wel zo’n beetje het toneel waar dit boek zich op af speelt voor de geest. Economieën storten in, milieurampen en oorlogen zijn aan de orde van de dag. Amerika bemoeit zich met alle mogelijke crisissen die er zijn, maar stuurt geen soldaten meer. Er zijn in het verleden teveel slachtoffers gevangen. In deze toekomst stuurt Amerika vrijwel onverwoestbare robotsoldaten die door soldaten als drones bestuurd worden vanuit bunkers diep onder de grond en duizenden kilometers verderop.
Danny Kelso is een van die soldaten. Veilig in een bunker bij Wiesbaden in Duitsland, bestuurt hij zijn tinnen soldaat door verwoeste straten in Syrië. Tijdens zijn shift gaat het gruwelijk mis, een aanslag door Islamitische terroristen zorgt voor een EMP (Electro Magnetische Puls) waardoor een wereldwijde stroomstoring ontstaat die niet zomaar weer opgeheven kan worden. Het gaat nu even te ver om een en ander uit te leggen. Als u wilt weten hoe en wat… gewoon dit boek even lezen, daarin wordt het meer dan duidelijk uitgelegd. Hoe dan ook… de bunker in Wiesbaden ligt plat en de soldaten zitten gevangen in hun robotlichamen. Een race tegen de klok begint. Het gaat erom een volgende aanslag op een conferentie van wereldleiders te voorkomen. De tinnen soldaten en dus ook Danny Kelso, moeten harder dan ooit vechten om zichzelf en de wereld waarin ze leven, zowel als de beschaving te redden.

Zoals gezegd heeft dit boek alles in zich. Het is een combinatie van Robocop en Terminator en een opgevoerde versie van de wereld zoals die nu is. Gelukkig had ik dit boek mee op vakantie en dat betekende dat ik er lekker hard doorheen kon racen. Dat is trouwens de manier om een boek met actie zoals deze te lezen. Geen tijd voor rust, geen tijd voor reflectie. Hard en snel genieten, zou ik zeggen. Ik ben meer dan benieuwd naar de film. Eens kijken of die het tempo van het boek bij kan houden.

Jos Lexmond

Zand – Hugh Howey (SF)

Zand – Hugh Howey (SF)
Uitgeverij Q, Amsterdam – Antwerpen (2016)
279 pagina’s; prijs 19,99
Oorspr.: Sand – (Century – 2014)
Vertaling: Alexandra van Raab van Canstein
Omslag: Jason Gurley/Monique Gelissen

Als ik al behoorlijk onder de indruk was van de ‘Silo’ trilogie, ofwel de Wool trilogie, dan ben ik onder de indruk overtreffende trap van ‘Zand’.
Hugh Howey is een Manusje van Alles geweest en verkocht eerst 150.000 e-books van ‘Silo’ voordat een grote uitgeverij hem ontdekte en hem een contract aanbood. De filmrechten van ‘Silo’ zijn verkocht aan 20th Century Fox. Ik ben in gespannen afwachting van de film.
‘Zand’ bestaat uit een vijftal novelles, welke samen de omnibus ‘Zand’ vormen. Blijkbaar is dit de manier zoals Howey schrijft. ‘Silo’ is op eenzelfde manier ontstaan en ook zijn nieuwe project: ‘Beacon 23’ (weer een prachtig gegeven) lijkt zich op dezelfde manier te ontwikkelen. Er zijn alweer vijf delen verschenen als e-book novelle. Misschien dat het alweer voldoende is voor een compleet boek. Laat maar weer komen zou ik zo zeggen.
‘Zand’ was een geweldige leeservaring voor de vakantie die ik had. Ik heb het ademloos verslonden. Waar gaat het over…

Het verhaal speelt zich af honderden, zo niet duizenden, jaren in onze toekomst af. De hele wereld is bedekt met zand. Op soms wel duizend meter diep onder het zand liggen de steden begraven en aan de oppervlakte is het een woestijnlandschap waarin duinen gegeseld worden door de nimmer aflatende oostenwind. Er zijn stadjes en nederzettingen waarvan de inwoners grote inspanningen moeten doen om hun woningen niet onder te laten stuiven. Het landschap is er een van wisselende vergezichten van zandduinen die door de wind voortgejaagd worden en water is een schaars goed. In deze wereld leeft Palmer met zijn broers Conner en Rob en zijn zus Vic. Palmer is zandduiker en onderhoudt zijn broers door naar artefacten te duiken onder het zand. Hij heeft een collega, Hap en samen sluiten ze een deal met piraten die waarschijnlijk Danvar (Denver) onder het zand gelokaliseerd hebben. De stad ligt op duizend meter diep en om het dak van de hoogste zandschraper te bereiken moeten ze zeshonderd meter diep duiken. Een haast onmogelijke taak voor Palmer die met zijn diepste duik hooguit driehonderd meter bereikt heeft. Maar de piraten hebben een gat van tweehonderd meter gegraven en dan is het nog maar vierhonderd meter tot het dak van de zandschraper. Palmer en Hap besluiten het te doen en daarmee begint een van de grootste avonturen dat ik de laatste tijd gelezen heb.

Howey heeft een wereld gecreëerd waar we het mee moeten doen. Een woestijnwereld met heel veel zand, weinig water, een brandende zon, koude nachten en de verwoestende oostelijke wind. Tel daar eens nog eens de zwarte piraten bij die in hun zandzeilers een waar schikbewind voeren en dan heb je een grimmige wereld. Howey verklaart niet hoe deze ontstaan is. Geen idee of er nog zeeën of oceanen zijn. Er zijn wel sporadische bronnen zodat de bewoners van deze zandwereld aan drinken kunnen komen. Soms wil ik heel graag weten hoe een wereld zich tot deze ontwikkeld heeft, maar dit keer niet. De wereld zit logisch in elkaar en hoewel ik het wel graag zou weten, stoort het me niet.
De zandzeilers kan je zo voor je geestesoog voorbij zien stuiven. De duikpakken werken. Ze hebben mogelijkheden om het zand om de duiker heen vast te maken of zich als water te laten gedragen. Kortom alles werkt. Een leuk detail is nog de verschillende duidingen voor zand die Howey gebruikt. Bijvoorbeeld: Mors is zand dat vrijkomt bij inspanning. Kluit is nat zand dat aan schoenen kleeft en Schep is zand dat zich in laarzen verzamelt. Er zijn er nog veel meer en de meesten zijn zo logisch dat een grijns niet uit kan blijven als je ze leest.
Kortom… dit boek smaakt naar meer. Naar heel veel meer.

Jos Lexmond

Zeil de terpen over de ijzige broeikaszee – Tais Teng & Jaap Boekestein

Zeil de terpen over de ijzige broeikaszee – Tais Teng & Jaap Boekestein (SF)

Stichting Fantastische Vertellingen, Nieuw Vennep (2016) Snuffel-reeks, deel 1

80 pagina’s; prijs 7,50

Omslag: Tais Teng/Ingrid Heit

Bij een samenwerkingsverband is het altijd lastig wie er voorop moet staan. Naar mijn bescheiden mening is dat diegene die het initiatief genomen heeft en dat is in dit geval niet evident. Op de omslag staat Jaap als eerste genoemd en dan Tais en op de titelpagina staat Tais Teng & Jaap Boekestein. Dat maakt het er ook niet makkelijker op. Ik doe maar wat ik normaal gesproken doe en dat is aanhouden wat er op de titelpagina vermeld staat. Ik hoor wel als ik het niet correct heb.

Nu we dat aan de kant hebben… de Snuffel-reeks. Dat is een nieuwe reeks van de Stichting Fantastische Vertellingen van Remco Meisner. Remco zegt er zelf over: “De Snuffel-reeks biedt een springplank voor nieuw of miskend Nederlandstalig talent op het gebied van fantastische speurders. De publicaties in deze reeks beogen de principes van klassieke detectives te transformeren naar nieuwe (fantastische) omstandigheden”.

Het boekje ziet er prachtig verzorgd uit. Een magnifieke omslag tekening van Tais Teng (je kan haast niet anders van hem verwachten) en het heeft zelfs een rood leeslint. Kan het chiquer? Nee, dat kan haast niet.

‘Zeil de terpen over de ijzige broeikaszee’ is het eerste deel in deze Snuffel-reeks en het gaat meteen los. Het verhaal is hilarisch. Het speelt zich af in 2069 en Nederland ligt grotendeels onder water. Frei Fryslan met haar elf verdronken steden en drijvende terpen, haar moordlustige superpotvissen en zeeluipaardraces. Een oord waar men illegale immigranten bij eb in  kreeftenkooien achterlaat. Vermond als Inuit en Friezin moeten Mirjam en Feodor het kostbaarste bezit van een miljardair terug zien te roven. Het wordt de zwaarste en meest lucratieve opdracht voor Berlusconi & Vaendeldrager, het beste detectivebureau van de gehele laaglandse federatie, en het help niet echt dat joffer Mirjam Vaendeldrager en vrijman Feodor Berlucsoni net die morgen net gescheiden zijn…

Tais en Jaap trekken alle registers open en de situaties die ze schilderen zijn meer dan eens dolkomisch, zodat ik een grijns en een schaterlach meermalen niet kon onderdrukken. Ze schilderen een Nederland en Friesland dat eigenlijk niet kan, maar ze slagen er in het wonderwel te laten slagen. Ik ga niet meer verklappen, maar eentje kan ik niet laten. Ik vond de introductie van Hielke en Sietse Klinkhamer van de Kameleon (Een reeks die ik in mijn jeugd verslonden heb) die de beste Cloudpiraten van Snits en omstreken zijn. Geweldig.

Dus gewoon kopen en genieten. Voor de prijs hoef je het niet te laten. En al wil je het niet lezen… dan gewoon kopen om Remco en zijn Fantastisch Vertellingen te steunen. Een meer dan goed doel.

Er is ook al een tweede deel in de Snuffel-reeks. Het is ‘Commissaris Omer en de vermoorde onschuld’ van Oxana Langbeen.

Jos Lexmond

Seance – Kevin Valgaeren

seanceSeance – Kevin Valgaeren (HO)
Uitgeverij Lannoo, Tielt (2015)
330 pagina’s; prijs 19,99
Omslag: Wil Immink Design

‘Seance’ laat zich lezen als een Victoriaanse spookverhaal, ofwel een Gothic Novel. Ik kan het weten. Voor Fandata (een fantastische database die ik samen met een paar andere mensen aan het bouwen ben (en al bijna 50.000 Nederlandstalige titels verzameld inmiddels)) heb ik zeker honderden van dit soort verhalen gelezen tot het me, eerlijk gezegd, de neus uitkwam. Een paar voorbeelden van schrijvers die in dit soort verhalen grossierden: Montague Rhodes James, of M.R. James, is een van de bekendste, maar ook Robert Bloch, Edgar Allan Poe, Lady Cynthia Asquith en Francis Marion Crawford behoren tot de bekendere. Er waren er vele meer, maar het gaat me te ver om die hier allemaal te benoemen. Buiten een aantal uitzonderingen, zoals bijvoorbeeld: ‘O, fluit maar en ik kom naar je toe, mijn jongen’ van M.R. James, waren de verhalen voor deze tijd absoluut niet meer griezelig en meermalen traag en oubollig. Toen ik ze allemaal had doorgenomen (wat in vertaling verschenen was dan) had ik er meer dan genoeg van. Sindsdien zijn er nog wel wat gevonden, maar gelukkig had ik het merendeel gehad en nu was dus ik wel weer toe aan zoiets. Lees “Seance – Kevin Valgaeren” verder

Opgejaagd – Pen Stewart (HO)

pen-stewart-opgejaagdOpgejaagd – Pen Stewart (HO)
Quasis uitgevers, 2016, Splinters 2
45 pagina’s; prijs 5,95 euro
Omslagillustratie: Pen Stewart

In 2013 begon uitgeverij LINK met een reeks ‘short fiction’, langere verhalen of kortere novellen die op zichzelf staand werden uitgegeven, niet alleen als eBook, maar ook als dunne kleine pockets op papier. Ondanks het hoge niveau van deze reeks, met werk van auteurs als Floris Kleijne, Guido Eekhaut, Thomas Olde Heuvelt en Baukje Balder werd het geen succes. Toch heeft uitgeverij Quasis dit concept weer opgepakt en is in 2016 begonnen met de reeks Splinters, net als de short fiction van uitgevij LINK korte verhalen in pocketuitgave. Quasis begint zelfs ambitieuzer, want ze kondigen aan elke maand zo’n Splinter uit te zullen geven. En ze doen het met meer verplichting, want de lezer kan er een abonnement op nemen. Lees “Opgejaagd – Pen Stewart (HO)” verder

Het Monster van het Mistmoeras – Marc de Bel (JFA), Sagen van het Dassenbos 2

Het Monster van het Mistmoeras – Marc de Bel (JFA)
Sagen van het Dassenbos 2
Abimo Uitgeverij, Kalmthout (2016)
175 pagina’s; prijs 14,95
Omslag: Frieda Van Raevels/Pelckmans Uitgeverij

Ondanks zijn omvangrijke oeuvre, had ik nog nooit iets van Marc de Bel gelezen. Ja… ik schaam me wel een beetje en vond het de hoogste tijd dat het er eens van kwam. De ‘Sagen van het Dassenbos’ was me al eerder opgevallen toen het eerste deel ‘De Vloek van Horkus’ verscheen, maar toen kwam het er op de een of andere manier niet van. Nu dus wel en het viel me niet tegen. Even was ik bang dat ik dit tweede deel niet goed kon lezen omdat ik het eerste gemist had, maar dat viel erg mee. Natuurlijk waren de hoofdpersonen onbekend, maar dat kwam snel goed. Er werden her en der wel wat verwijzingen naar het eerste deel gedaan, maar niet hinderlijk .
Je mag je afvragen of het verhaal fantastiek is. Normaal gesproken houd ik me verre van sprekende en geklede dieren, maar je mag je afvragen of een Onweerwolf (twee keer zo groot als een gewone weerwolf) ook een dier is en Knorks (waarvoor Orcs model hebben gestaan)? En Frieskels en Fnurken? En Morfen dan? Al met al zijn al die wezens samen met een gewone, maar sprekende Das, een boogschietende vos, een kletsende eekhoorn, een beer en wilde zwijnen, voor mij reden genoeg om ze als Fantastieke wezens te duiden en aldus dit verhaal als Fantasie voor de jeugd op te nemen.
Op de site van Standaard staat het verhaal als bedoeld voor kinderen van tussen de dertien en vijftien. Dat lijkt me een beetje oud. Tussen negen en twaalf zou me meer op zijn plaats lijken.

Waar gaat het over? Nadat de wenssteen is vernietigd en de vloek van Horus is verbroken in het eerste deel, is het rustig en vredig in het Dassenbos. Die rust wordt ruw verstoord als blijkt dat in het Everwoud al een tijdje alle mannen verdwijnen. En sinds kort ook de kinderen. Op het Grote Zonnefeest valt, net voordat Ralf en Wort Konijn een eigen geschreven lied ten gehore willen brengen, een met modder besmeurde gestalte bewusteloos op de dansvloer neer. Het is tante Mara Das en ze komt met een verhaal over de verdwenen mannen en kinderen. De neefjes Edain en Han zijn nog niet verdwenen, maar die mogen niet meer buiten spelen en zijn bang. Het Monster van het Mistmoeras schijnt verantwoordelijk te zijn voor de verdwijningen en nu wordt hij ook al buiten het moeras gesignaleerd. Koning Skrofus wil of kan niet optreden tegen het monster. De moeders van het Everwoud besloten de hulp in te roepen van koning Bolderus van het Dassenbos om het monster te stoppen. Fea, Slink, Brom en Pip steken de Sneeuwbergen over en trekken door het land van de gevaarlijke Knorks en belanden, na spannende avonturen, in het Everwoud waar ze oog in oog komen te staan met het gevreesde Monster van het Mistmoeras.

Een leuk verhaal dat naar meer smaakt. Het wordt met vaart verteld. Ik had het zo uit, maar ik denk dat de jeugd in de doelgroep er een behoorlijk aantal leuke uurtjes mee door zal brengen.

Jos Lexmond

Duivelmaeker – Bianca Mastenbroek

Bianca-DuivelmaekerDuivelmaeker – Bianca Mastenbroek (YFA)
De Vier Windstreken, Rijswijk (2016)
341 pagina’s; prijs 15,95
Omslag: JeRoen Murré

Er was eens een keer dat ik naast Bianca Mastenbroek zat. Nu is dat op zich niet zo bijzonder maar we zaten te wachten op de uitslag van de Paul Harland Prijs. Het was ergens op een zolder van een gebouw, waar weet ik niet meer. Ook weet ik niet meer met welk verhaal zij of ik meededen. Ik weet alleen dat we, althans ik wel, nogal gespannen waren. Ik houd niet zo van dat soort gedoe. Waarschijnlijk vanwege de spanning hebben we haast geen woord met elkaar gewisseld. Geen idee welke plaatsen we behaalden, maar ik dacht dat ik hoger eindigde dan Bianca, al kan dat ook wishfull thinking geweest zijn. Hoe dan ook… moet je zien waar we nu zijn. Ik, een wispelturig schrijver, die op zijn tijd inspiratie heeft en dan als een bezetene schrijft. En dan opeens is de inspiratie weg (of de zin, dat kan ook natuurlijk) en schrijf ik misschien wel tien jaar, behalve recensies, niet meer.

Lees “Duivelmaeker – Bianca Mastenbroek” verder

De raadselachtige ruimte – Neal Shusterman & Eric Elfman

De Raadselachtige Ruimte

De raadselachtige ruimte
Accelerati trilogie 2
Neal Shusterman & Eric Elfman

Van Holkema & Warendorf, Houten (2015)
334 pagina’s; prijs 15,99
Oorspr.: The Accelerati Trilogie, Book Two: Edison’s Alley (Hyperion Books (2015)
Vertaling: Wiebe Buddingh
Omslag: Petra Gerritsen
Illustraties: Wouter Tulp

Neil Shusterman kennen we in Nederland van The Schwa was here en Gesplitst dat in 2012 bij Lemniscaat verscheen en dat ik destijds recenseerde. Het idee achter Gesplitst vond ik niet een echt heel erg goed idee (kinderen te splitsen in onderdelen om overbevolking tegen te gaan), maar het verhaal an sich… daar was niets mis mee. In het Engelse taalgebied zijn er al vier delen in de reeks verschenen en ergens vind ik het jammer dat de reeks hier verder niet is vertaald. Het is niet zo dat dit de enige reeks is die verder niet vertaald wordt na het eerste deel. Ik heb het al meer dan eens gezegd… ik zou toch willen dat uitgeverijen hier eens wat zorgvuldiger mee omsprongen. Maar goed… shit happens. Eric Elfman, de co-auteur van de Accelerati trilogie, is bij ons verder niet gekend, maar schrijft SF en paranormale verhalen voor de jeugd.

Lees “De raadselachtige ruimte – Neal Shusterman & Eric Elfman” verder

De Klauw – Adrian Stone (YFA), Magycker 1

De Klauw – Adrian Stone (YFA)
Magycker 1
Uitgeverij Luitingh-Sijthoff, Amsterdam (2016)
350 pagina’s; prijs 17,99
Omslag: Dominik Broniek/Mariska Cock
Kaart: Peter Schravendeel

Van Adrian Stone (pseudoniem van Ad van Tiggelen) las ik eerder niets. Dat lag meer aan mij dan aan Adrian Stone denk ik. Ik heb helemaal niets met Goden en Duivels in de Fantasy en nog minder met fantatische religies, hoe mooi ze ook in elkaar mogen zitten. Ik heb het al eerder gezegd: ik ben meer van de harde SF en Horror en als het dan toch Fantasy moet zijn, dan maar de Heroïsche, van dik hout zaagt men planken Fantasy.
Maar goed… nu dus mijn eerste ervaring met Adrian Stone. Ik moet helaas zeggen dat die me niet erg goed bevallen is en dat komt dan vooral door de aanmatiging op de achterzijde (vast niet door Adrian Stone zelf) dat Adrian Stone de grootste Nederlandse Fantasy-auteur van dit moment is. Door die aanname ben ik er dieper over na gaan denken dan dat ik normaal gesproken doe en kwam tot de conclusie: nou… dat is hij niet. Ik weet er best een behoorlijk aantal te noemen die minimaal net zo groot, maar zeer waarschijnlijk nog wel een maatje groter zijn.
Misschien is die aanname gedaan door de kwaliteit van zijn prestaties met eerdere publicaties, dat weet ik natuurlijk niet, maar zeker niet met ‘De Klauw’.
Ik heb deze uitgave geclassificeerd als Young Adult Fantasy, omdat het voor mij niet in de volwassen fantasy thuishoort. Als je het avontuur op zijn merites beoordeeld dan gaat het wel. Het is redelijk snel. Hier en daar spannend, maar ook voorspelbaar en af en toe ergerniswekkend. Op de laatste twee kom ik nog terug. Over de originaliteit kan je ook discussiëren.

Waar gaat het over? De Klauw zijn een goed georganiseerde bende opstandelingen. De Magyckers heersen over de wereld met hun magie en doen dat zonder mededogen. Vanuit het eiland Aimery hebben ze een monopolie op de magie en laten de heersers en rijken van eilanden goed voor hun spreuken betalen. Het is ook de wereld van Marit haar autistische broertje Auric die in Oftenooi, de havenstad van Semaris, wonen. De toegang tot de stad over land is afgesloten van de buitenwereld door een gigantisch rotsblok, die door een grondverschuiving op de weg terecht gekomen is. Op alle mogelijke manieren was geprobeerd de rots te verwijderen. Men was er niet in geslaagd en het stadsbestuur had ten einde raad de Magyckers ingehuurd om het obstakel op te ruimen. Marit en Auric staan op de eerste rang als dat gebeurd. De gebeurtenissen die dan volgen, maken dat Marit en Auric moeten vluchten voor hun leven. Ze worden hierbij geholpen door Eamon, wiens broer leider van De Klauw is. Ik zal niets verder vertellen. Ik wil geen spoilers weggeven.

Ze te zien… niets mis mee. Maar het gaat om de uitvoering. Draken zijn in deze wereld gedevalueerd tot trekbeesten. Ze zijn van het grootse deel van hun vleugels ontdaan en ze worden geslacht voor hun hart en schubben. Je mag dus drie keer raden wat er in de komende twee delen staat te gebeuren… juist! Daar hoef je niet voor in de toekomst te kunnen kijken. Het gegeven dat een Magycker maar slechts een spreuk per keer uit zijn hoofd kan (mag) leren, geeft natuurlijk de mogelijkheid de Magyckers te overwinnen. Na die ene spreuk zijn ze machteloos en dus overwinbaar. Dat is wel een beetje gemakkelijk. Ergens in het boek wil de Waarheidsvinder de Louteraar Orvil spreken en eist dat het gesprek in de stal waar Eamon verstopt zit plaatsvindt. Ook al lekker gemakkelijk. Dan is Eamon meteen op de hoogte van het laatste nieuws. Maar even later moet het gesprek in het luchtschip voortgezet worden omdat iemand mee zou kunnen luisteren. Dan pas wordt de Waarheidsvinder iemand met zijn geest gewaar, maar dat wordt dan door Orvil afgedaan met: ‘Misschien de echo van mijn talent’
En zo zijn er meer voorbeelden. Jammer, heel jammer, want in potentie zit de wereld redelijk goed en geloofwaardig in elkaar. Allen rammelt het verhaal nogal en is daardoor niet meer dan middelmatig te noemen. Een gemiste kans. Ik ben wel benieuwd het er in de twee volgende delen beter op wordt.

Jos Lexmond